8. Artikelen‎ > ‎

Veel psychische onbehandelde klachten bij WIA aanvragers

Onderdiagnose en onderbehandeling van complexe psychische problematiek

Personen die na 2 jaar arbeidsverzuim een WIA-uitkering aanvragen hebben complexe, chronische en veelal ernstige psychiatrische problematiek die deels niet gediagnosticeerd en onderbehandeld is. Dat blijkt uit promotieonderzoek door UWV-verzekeringsarts Bert Cornelius, onderzoeker bij het Universitair Medisch Centrum Groningen, afdeling Sociale Geneeskunde, en het Kenniscentrum Verzekeringsgeneeskunde. 

Ernstige psychische problematiek
De onderzoeker nam een gestructureerd psychiatrisch interview af bij een representatieve groep van 346 personen die bij het UWV in Groningen een WIA-uitkering aanvroegen. Voor het interview gebruikte hij het Composite International Diagnostic Interview (CIDI). Met dit interview werd vastgesteld of respondenten een psychische stoornis hadden volgens de criteria van de DSM-IV. De gegevens over diagnose, comorbiditeit, aanvang en ernst van de gevonden stoornis en behandeling werden vervolgens gekoppeld aan de CAS-codes van het UWV. 
Rond 30% van de respondenten bleek een stemmings- en/of een angststoornis te hebben in het jaar voorafgaand aan het interview. Vaakst voorkomende psychische stoornissen waren depressie (24%), posttraumatische stressstoornis (11%), gegeneraliseerde angst (10.4%) en sociale fobie (10.7%). 

met hoge mate van comorbiditeit
Er was veel psychische comorbiditeit: zo had bijna 16% van alle respondenten zowel een depressie als een angststoornis. De somatische aandoeningen die het meest gepaard gingen met één of meer DSM-IV stoornissen waren urogenitale ziekten (67%), gastro-intestinale ziekten (54%) en neoplasma’s (52%). Depressie en angst waren in ruim twee derde van de gevallen ernstig in termen van beperkingen en arbeidsongeschiktheid. 

Onderbehandeling van psychische comorbiditeit
Onder respondenten die met een somatische hoofddiagnose voor de WIA-poort kwamen (n=259), bleek substantiële psychische comorbiditeit voor te komen. Gevonden werd met name depressie (16.2%), angst (5.8%) en sociale fobie (5.8%). Deze psychische stoornissen bleken voor een belangrijk deel nog nooit te zijn behandeld. Dat gold voor één op de acht mensen met een depressie (12.5%), één op de vijf mensen met angststoornis (20%) en ongeveer één op de zeven mensen met een sociale fobie (13.3%). 

Zoeken naar verklaring
Binnen het promotietraject zal met vervolgonderzoek gezocht worden naar een verklaring voor het relatief grote aantal niet-gediagnosticeerde en onbehandelde psychische stoornissen onder WIA-aanvragers.

Vraag en antwoord met de onderzoeker
Bovenstaande informatie komt van Bert Cornelius. Naar aanleiding van zijn informatie stelden we hem nog enkele vragen.

Bert, je meldt dat je een representatieve groep WIA-aanvragers interviewde en daaruit blijken dan 30% psychische stoornissen. Waren dit dan ook mensen die een WIA aanvraag deden i.v.m. psychische problemen?
Antwoord: “De onderzoekspopulatie is naar somatische en psychische CAS-codes representatief voor de nationale populatie die in Nederland bij de UWV een WIA-uitkering aanvraagt. De CAS-prevalentie (verkregen van de verzekeringsarts) in de onderzoekspopulatie is lager dan de DSM-IV prevalentie (verkregen met CIDI). Er lijkt dus een behoorlijke onderrapportage te zijn van psychische problematiek bij de WIA-claimbeoordeling. Dat blijkt inmiddels ook uit ander onderzoek van UWV-collega  Wendy Langerak, zie TBV 19:1; januari 2011. Over dit prevalentieverschil en mogelijke verklaringen gaat één van mijn volgende artikelen”.

Bert, in je gegevens meld je wel apart dat naast de somatische hoofddiagnose (dus de hoofdreden voor WIA-aanvraag) ook behoorlijk comorbiditeit psychisch is. Onze aanname is dat in de dossiers van betrokkenen weliswaar een somatische hoofddiagnose reden voor WIA-aanvraag is maar dat vast ook comorbiditeit gemeld wordt. In hoeverre verhouden zich dan de gevonden getallen uit jouw onderzoek met de informatie die het UWV krijgt uit de 1e lijn, bijvoorbeeld van bedrijfsartsen? Melden die de psychische comorbiditeit wel / niet / onvoldoende?
Antwoord: “Goeie vraag. De DSM-IV psychische comorbiditeit in de somatische subgroep is voor een substantieel deel nooit besproken, niet met de huisarts (of met andere behandelaars) en mogelijk ook niet met de bedrijfs- en de verzekeringsarts. Uit vervolgonderzoek binnen mijn traject moet nog blijken of dat zo is en wie dan precies de personen zijn met dergelijke verborgen problemen.  Overigens is uit psychiatrisch epidemiologisch onderzoek bekend dat veel psychische problematiek ondergediagnosticeerd, ondergerapporteerd en onderbehandeld blijft. Veel psychische stoornissen zijn mild en gaan vanzelf wel weer over. Dat is maar goed ook, omdat anders de kosten van de GGZ de pan uit rijzen. Voor de WIA-populatie ligt dat toch anders, omdat mogelijk de verborgen psychische problematiek gepaard gaat met deels ernstige beperkingen en arbeidsongeschiktheid. Dan hebben volgens mij alle betrokken artsen, en dus ook bedrijfs- en verzekeringsartsen de dure plicht om zorgvuldig te diagnosticeren en te interveniëren”. 

Een bericht van Bert Cornelius i.s.m. Monique Loo

 
Comments