8. Artikelen‎ > ‎

Gemiddelde Nederlander kan na pensioen nog doorwerken

Gemiddelde Nederlander kan na 65ste nog doorwerken
Door: Mariel Hovemann | redactie HRpraktijk | 05 december 2011


De gemiddelde werknemer is na zijn of haar 65ste jaar fysiek en mentaal in staat om door te werken. Dat blijkt uit de eerste analyse van de door Stichting Blik op Werk beheerde landelijke WAI-database.
Gemiddeld is het werkvermogen van de Nederlandse werknemers uitstekend tot goed. Dat blijkt uit de eerste analyse van de door Stichting Blik op Werk beheerde landelijke WAI-database. In de database zijn gegevens over het werkvermogen van inmiddels zo'n honderdduizend Nederlandse werknemers opgeslagen. Deze gegevens zijn verzameld met de zogeheten Work Ability Index (WAI), een methode om te meten of werknemers lichamelijk en geestelijk in staat zijn hun werk te doen, nu en in de toekomst. Ook voor nog werkende oudere werknemers geldt dat zij een goed tot uitstekend werkvermogen hebben. In die zin kan de gemiddelde werknemer na zijn of haar 65ste jaar fysiek en mentaal nog doorwerken.
 
Individuele verschillen
Bij de goede gemiddelde score zijn echter wel een aantal belangrijke kanttekeningen te plaatsen. Zo’n 15 procent van de werkende Nederlanders heeft een slecht tot matig werkvermogen. Dat betekent dat er een (groot) risico is dat zij uit het arbeidsproces vallen of inschatten dat de door hen vervulde functie in de komende jaren te zwaar zal zijn. Bovendien is de spreiding rond het gemiddelde groot. Er bestaan grote individuele verschillen als het gaat om de vraag of men daadwerkelijk gezond aan het werk kan blijven. Wil men investeren in duurzame inzetbaarheid van werknemers, het gezond aan het werk blijven, dan zal vooral maatwerk geleverd moeten worden Er is geen gemakkelijke remedie die ervoor zorgt dat het werkvermogen van elk individu goed blijft of verbetert. Langer gezond doorwerken vereist inzet van werkgever en werknemer.
 
Sectorverschillen
Ook tussen sectoren bestaan duidelijk verschillen. Van alle in de database onderscheiden sectoren scoort het onderwijs in alle leeftijdscategorieën het slechtst. Ook de sector gezondheidszorg en welzijn scoort relatief laag. Dit betekent dat het risico voor deze sectoren groter is dat mensen uit het arbeidsproces vallen door ziekte of arbeidsongeschiktheid of elders een baan zoeken. Dit is zorgwekkend gezien het tekort aan arbeidskrachten dat in deze sectoren door de vergrijzing van de beroepsbevolking wordt verwacht.
 
Mannen en vrouwen
Het werkvermogen van werknemers toont ook verschillen naar geslacht. Voor alle leeftijdscategorieën ligt het werkvermogen van vrouwen lager dan dat van mannen. De reden voor dit verschil kan op basis van de in de databank opgeslagen gegevens niet worden vastgesteld. Wellicht dat dit samenhangt met de aard van de functies die vrouwen vervullen, de combinatie van werk en privé of de mogelijkheid zich vanuit de functie die men heeft door te ontwikkelen. Voor een meer specifieke verklaring is nader onderzoek nodig.
 
Opleiding
Aan het begin van de arbeidscarrière correspondeert de mate van werkvermogen in hoge mate met het opleidingsniveau. Hoe hoger de opleiding, hoe hoger het arbeidsvermogen. Voor de meeste opleidingsniveaus blijft dit patroon bestaan, naarmate de leeftijd vordert. Voor de werknemers met een HBO-opleiding is dat patroon anders: tussen de 35 en de 44 jaar begint het werkvermogen van deze werknemers aanzienlijk sneller te dalen. Wellicht dat ook hier een verklaring moet worden gezocht in het feit dat voor HBO-functies de ontwikkelingsmogelijkheden beperkter  zijn of dat in sectoren waar het werkvermogen lager dan gemiddeld scoort juist relatief veel HBO-functies te vinden zijn. Nader onderzoek naar deze vraag is nodig.
 
Leeftijdscategorie
Als werkvermogen bekeken wordt naar leeftijdscategorie, scoren oudere werknemers (55+) goed. Deze trend wordt ook in internationaal onderzoek gevonden. Enerzijds is dat verheugend: zij die nog werken blijken op het punt van werkvermogen niet onder te doen voor jongere werknemers. Er is hier echter wel een belangrijke ‘maar’ aan verbonden. Een belangrijk deel van deze trend kan worden toegeschreven aan het ‘healthy worker effect’: veel collega’s hebben rond hun 55 levensjaar het arbeidsproces al verlaten.
 
De landelijke WAI-database is door Stichting Blik op Werk in opdracht en met subsidie van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW) ontwikkeld.
Comments